Kleine architecten denken groot

Kleine architecten denken groot

OBS De Akkerdijk heeft een schoolbreed thema “Akkerdijk bouwt wereldwijd”. Vakdocent Beeldend, Anita Manshanden ontwikkelt voor de kleuters uit groep 1/2 van de leerkracht Marja de Groot een project over architectuur. Zij verzorgt drie verschillende lessen die tevens aansluiten bij aardrijkskunde en rekenen.

De opbouw van de lessen kent een vast stramien: elke les begint met een kringgesprek over bouwen en een voelspel. Dit spel introduceert Anita om de zintuigen te prikkelen en komt iedere les terug met steeds andere objecten. De leerlingen krijgen de opdracht om te verwoorden wat ze voelen. De objecten in de voeldozen vormen het uitgangspunt voor de beeldende opdracht.

In de eerste les ligt het accent op tekenen.
een lange nieuwe straatEerst praten de leerlingen over de omgeving waar ze wonen. Het boek dat voorgelezen wordt (“De Appelmoesstraat is anders” van Joke van Leeuwen) prikkelt hun fantasie over het thema straten en huizen. Anita nodigt de leerlingen uit om op de grond naast elkaar een lange straat te tekenen met huizen en schuren. Deze directe manier van tekenen is spannend en nodigt uit tot groot te denken en te werken. De leerlingen gebruiken materialen waarmee ze nog niet bekend zijn, zoals dikke stiften, aquarel potloden en diverse soorten krijt.

In de tweede les ligt het accent op het bouwen van een gebouw.
samenwerken aan stevige contructieEr komt een dimensie bij: van tekenen in het platte vlak naar ruimtelijk bouwen. Besproken wordt waar gebouwen van gemaakt worden. Het voelspel is de aanleiding tot de volgende beeldende opdracht. In tweetallen maken de leerlingen een gebouw van zelfgemaakte bakstenen van klei. Door de manier van stapelen en bevestigen met kleislib leren de leerlingen een begrip als metselen in de praktijk te brengen. Samenwerken is belangrijk om tot een stabiele constructie te komen. Op het laatst krijgen de leerlingen materiaal zoals prikkers en houten stokjes om de constructie te kunnen verstevigen.

In de derde les staat de buitenkant van een gebouw centraal.
strepen en stippenWat maakt een gebouw fijn, spannend, grappig? Na het voelspel gaan de leerlingen in groepjes aan de slag met dozen in vele soorten en maten. Ze ontdekken de mogelijkheden van papiertape en plakken er op los. Tot slot worden de ontwerpen naar eigen inzicht beschilderd. Gebouwen met namen als “het monster wolven griezelhuis en het verfhuis” krijgen daarna een definitieve plek in de nieuwe “Akkerdijkstraat”.